VCM_122018_LR

W W W . V A L U E C H A I N . B E 44 DISTRIBUTIE ten. Bij dat project vertrokken goederen vanuit het centrale magazijn in Berchem naar het micromagazijn, om ze van daar- uit met de fietskoerier aan twee Proxi- mus-winkels en een Media Markt-filiaal te leveren. Ook retourstromen gingen mee. Alleen de Proximus-trackers werkten bin- nen het project ‘stand alone’. Meerwaarde van het micromagazijn Binnen het project bewezen de testen de meerwaarde van elke technologie. Door de verschillende technologieën samen in te zet- ten, werken ze bovendien synergetisch ter ondersteuning van de business case. Hoewel hier in een ‘levend labo’ voor IoT-toepassin- gen werd gewerkt, waren een volwaardig IoT-platform en het integraal denken in func- tie van open standaarden echter nog niet aanwezig. Het platform moest dan ook spe- cifiek voor dit project worden ontwikkeld. De aanbieders van de technologische oplossin- gen stelden ook geen open API’s (application programming interfaces) ter beschikking, wat de integratie met de back-endsystemen had vereenvoudigd. De stad zelf leek ook nog niet voorbereid op een snelle integratie van de verschillende technologieën. Dat lag grotendeels aan de veelheid aan reglemen- teringen en het gebrek aan de juiste techno- logische infrastructuur waarop alles kan aan- sluiten. Toch was met name Proximus erg te spreken over het initiatief. “Voor ons is innovatie heel belangrijk”, zegt Hans Schurmans, director Logistics & Transformation bij Proximus. “Via dit proefproject hebben we onze stadsdis- tributie naar de Proximus-winkels op een duurzame manier kunnen optimaliseren. De belevering kon drie keer zo snel plaatsvin- den als met onze bestelwagens, doordat we minder last hadden van eenrichtingsstraten, wegwerkzaamheden, enz. Ook de mensen in de straat onthaalden het initiatief goed, wat positief is voor ons imago. Voor ons was het er ook niet echt om te doen de kosten te verlagen. Kostenneutraal blijven was goed genoeg. We zijn dan ook aan het bekijken hoe we deze manier van stadsleveringen naar andere steden kunnen uitbreiden.” Uit een eerste economische analyse van VIL blijkt in elk geval dat IoT de extra kosten van een micromagazijn effectief reduceert. Gemiddeld kost een onbemand microma- gazijn 5% à 28% minder dan zijn bemande tegenhanger. De omvang van de besparing is weliswaar afhankelijk van diverse variabe- len: het aantal pakketten en hun grootte, de afstanden van het micromagazijn naar het afleveradres, de omvang van het transport- middel en eventuele bijkomende arbeidskos- ten. J. Merckx: “Een microconsolidatiecentrum lijkt ons zeker geschikt voor welbepaalde toepas- singen, zoals het opzetten van een geconso- lideerd verzendpunt, een verzamelpunt voor terugzendingen of een voorraadplaats voor gereedschappen. Voor logistiek dienstver- leners die al een manier hebben gevonden om efficiënt binnen de stad te leveren, ligt de business case allicht iets anders. Hier kan het toevoegen van een extra stoppunt te tijdro- vend en kostelijk worden.” Patrick Vermeulen, IT director bij GLS Belgium: “Voor ons zouden micromagazijnen vooral interessant zijn als (extra) afhaalpunten voor b2c-leveringen. Een voorwaarde is wel dat er dan voor voldoende afhaalpunten wordt gezorgd, zodat niet iedereen op hetzelfde punt zijn pakket moet oppikken. Als het op b2b-flows aankomt, zien wijzelf hier minder potentieel.” Op naar een geïntegreerde oplossing Uit het Intello City project kunnen we beslui- ten dat IoT in elk geval een stap in de goede richting betekent om een concept met micro- magazijnen te doen slagen. “De technologie kan een significante bijdrage leveren bij de ontwikkeling van nieuwe stadsdistributie- concepten. Maar er is behoefte aan harmo- nisatie en uniforme open standaarden om verschillende smart city-oplossingen in één enkel platform te kunnen integreren (zie ook kader). Dat zou de rentabiliteit en leefbaar- heid van soortgelijke projecten ten goede komen”, aldus Jan Merckx. Voor alle duidelijkheid, de ambitie van Intello City was niet om een smart city-referentie- platform neer te zetten. In een volgende fase – die onlangs is gestart – zal daar wel werk van worden gemaakt. Binnen het vervolgproject R!sult (Responsive Sustainable Urban Logistics) gaat VIL – samen met 22 bedrijven en vier steden – namelijk op zoek naar een geïntegreerde oplossing voor stadsleveringen. De doelstelling van dat pro- ject is een multi-inzetbaar generiek logistiek concept uit te werken met het oog op duur- zame stadsbelevering. Dat moet gebeuren door logistieke modi en opslagcapaciteit in de stad slim met elkaar te combineren. De kennis uit voorgaande projecten zal uiter- aard in dat proefproject worden verweven. Wordt dus vervolgd … TC Hans Schurmans, director Logistics & Transforma- tion bij Proximus. “Via dit proefproject hebben we onze stadsdistributie naar de Proximus-winkels op een duurzame manier kunnen optimaliseren. De belevering kon drie keer zo snel plaatsvinden als met onze bestelwagens, doordat we minder last hadden van eenrichtingsstraten, wegwerk- zaamheden, enz.”

RkJQdWJsaXNoZXIy MjkyNTU=