Lees Ook

Cargopooling zit in de lift

Steeds meer samenwerkingsplatformen in transport

Cargopooling zit in de lift
Tijdens het seminar Cargopooling konden een resem Belgische samenwerkingsplatformen voor het bundelen van transporten zich presenteren. Niet alleen het grote aantal, maar vaak ook de ambitieuze doelstellingen vormen een indrukwekkend bewijs van de wil tot samenwerking die in de sector heerst. Intussen blijft het wachten op even indrukwekkende concrete resultaten van bedrijven die erin slagen om vrachten te bundelen, één uitzondering niet te na gesproken.
In wat volgt, stellen we achtereenvolgens de verschillende samenwerkingsplatformen voor.

Tri-Vizor: ‘Camionettisering’ in plaats van samenwerking

“De gemiddelde snelheid en de vullingsgraad van vrachtwagens op de wegen gaan alleen maar achteruit. Daarnaast zien we een verveelvoudiging van het aantal voertuigen na de invoering van de kilometerheffing op grote vrachtwagens in België. Transportbedrijven hebben namelijk de neiging trucks te vervangen door bestelwagens om de heffing te vermijden. Dat maakt dat ‘camionettisering’ veel kans maakt om het woord van het jaar te worden”, meent Alex Van Breedam, oprichter van Tri-Vizor. “Die tendens heeft erg negatieve gevolgen voor de algemene verkeerscondities in ons land: de daling van de gemiddelde snelheid is daarvan een rechtstreeks gevolg. Maar onze visie en die van andere analisten op de langere termijn is dat als we niet ingrijpen, de situatie alleen maar verder zal achteruitgaan. Uit het verleden kennen we al factoren als het feit dat klanten steeds kleinere leveringen willen, maar wel aan een hogere frequentie. In de nabije toekomst zal echter het tekort aan chauffeurs dat nu al bestaat nog worden uitvergroot door de vergrijzingseffecten. Op de langere termijn verwachten we dat e-commerce nog meer dan nu zijn negatieve impact op de transportefficiëntie zal laten voelen.”
 
Alex Van Breedam gaf als inleiding op de studienamiddag een pikzwarte analyse van de situatie in de transportwereld. Gelukkig kon hij ook vertellen over het recente samenwerkingsproject tussen vier koekjesfabrikanten, twee supermarktketens, een logistieke dienstverlener en een transporteur onder de neutrale supervisie van Tri-Vizor en met de goedkeuring van de Europese autoriteiten. De succesvolle testfase maakt het nu mogelijk een ‘koekjesplatform’ te beginnen met nog meer fabrikanten en distributieketens (zie ook Business Logistics juni-juli 2017).
A. Van Breedam: “En met de komst van elke nieuwe partner groeien de voordelen voor het geheel. De efficiëntiewinsten verdelen we dan eerlijk onder alle deelnemende partijen.”

Cargostream, pan-Europees platform voor collaboratief transport

“De factoren die een negatieve invloed hebben op de efficiëntie van het transport werden al opgenoemd. Ik wil die nog wat ondersteunen met sprekende cijfers”, begint Ivo Fremau, sales manager bij Nallian, een Belgisch softwarekantoor gespecialiseerd in oplossingen voor samenwerking tussen bedrijven. “Driekwart van al het transport verloopt met vrachtwagens. Die trucks stoten vier keer meer CO2 uit dan vrachttreinen of binnenschepen. De kosten van files en congestie in Europa lopen op tot 170 miljard euro. Dat komt neer op 1% van het GDP. Tegen 2020 is er in Europa een tekort van 420.000 vrachtwagenchauffeurs. De gemiddelde beladingsgraad van het wegtransport bedraagt 43%. Er heerst dus een inefficiëntie van 57% waarvan wij menen dat 15% eenvoudig kan worden opgelost door middel van samenwerking.”
 
Het bedrijf was al betrokken in het bekende samenwerkingsakkoord tussen Procter & Gamble (P&G) en Tupperware rond gemeenschappelijke transporten. Nu is het de bedoeling dergelijke projecten uit te breiden waarbij meerdere verladers zich aansluiten en onder elkaar bekijken waar er bundelingen mogelijk zijn. Daarvoor is Cargostream opgericht met als leden ABInbev, Beaulieu, Bridgestone, Danone, Duracell, Etex, General Mills, ICL, Knauf, P&G, Samsonite, Sonoco Alcore, Tupperware, Unilin en Wienerberger. Doel is nog dit jaar honderd leden te werven en tegen 2018 zelfs duizend.
 
Cargostream zal daarbij een aantal basisprincipes hanteren: neutraal, een many-to-many verbinding, een zelfde geheimhoudingsclausule voor alle deelnemers, de gegevens blijven anoniem en indien nodig geaggregeerd, en last but not least, de eigenaar van de data beslist wat er met zijn gegevens gebeurt en wie wanneer wat mag zien.
I. Fremau: “Deelnemers – dus ook transportbedrijven en logistieke dienstverleners – kunnen dan via een zoekmachine op zoek gaan naar mogelijke bundelingen van vrachten naar gelijke bestemmingen, rekening houdend met een resem parameters zoals ladingtype, periodiciteit, deellading of volle truck, voertuigvereisten, enzovoort. Het resultaat van die onderzoekingen kan zijn dat meerdere verladers goederen transporteren met een gemeenschappelijk voertuig, dat ze gezamenlijk transport aankopen, heen- en terugritten samenvoegen, melkrondes opzetten tussen verschillende vestigingen van diverse partijen, voldoende volume samenbrengen om multimodaal vervoer mogelijk te maken, enzovoort. Uit die eerste analyses blijkt dat er zeker bundelingsmogelijkheden bestaan, maar die moeten nu wel nog in de praktijk worden gerealiseerd.”

Centraal Boekingplatform zoekt multimodale oplossingen

Resultaten kan het Centraal Boekingplatform (CBP) wel voorleggen. Een jaar na de opstart op 18 april 2016 heeft het platform een driehonderdtal gebruikers, vijfhonderd verbindingen en veertig aanbieders en die cijfers blijven gestaag groeien. “Wij zijn gefocust op het multimodaal transport van containers per binnenschip en vrachttrein en werken daarvoor samen met de Haven van Antwerpen, de Vereniging Expediteurs Antwerpen (VEA), en De Vlaamse Waterweg”, vertelt algemeen directeur Marc Scheerlinck. “Het Centraal Boekingplatform mikt in de eerste plaats op de uitvoerders en organisatoren van transport en dus alleen onrechtstreeks op verladers. Gebruikers zijn expediteurs, rederijen, transporteurs, terminals voor de binnenvaart en het spoor. De achterliggende idee is ook hier de bundeling: door het volume aan containers te bundelen vergroten de kansen om goede transportoplossingen te vinden.”

In de praktijk gaat CBP te werk als een expediteur die de verantwoordelijkheid op zich neemt voor het transport van containers. Wanneer de klant beslist op welke manier de vracht moet worden vervoerd, neemt CBP een resem administratieve en organisatorische taken voor zijn rekening. Het gaat dan om douane, de vrachtbrief, de weging van de containers, ADR-verplichtingen, het organiseren van het lossen en laden en het oplossen van mogelijke problemen. Dat levert het platform een score van 96% op voor het leveren aan de afgesproken voorwaarden.

Het werkingsgebied van CBP dekt grote delen van Europa. “Wij zetten nu in op de uitbreiding van de dienstverlening, in de eerste plaats door de automatische koppeling met ERP-systemen te realiseren. Met het veelgebruikte Alaska-pakket bestaat de EDI/XML-verbinding al en straks komt er ook een voor Organi. Daarnaast komen er samenwerkingen met depots voor lege containers, het River Information System en binnenkort ook de mogelijkheid om koelcontainers te laten vervoeren via CBP”, aldus Marc Scheerlinck. “We willen de transportmarkt een nieuwe oplossing bieden voor pan-Europees multimodaal transport waarbij we de hele organisatie en administratie voor onze rekening nemen. Op die manier zijn we een one-stop-shop geworden.”

 Via de zoekfunctie kunnen gebruikers nu al zien wat de goedkoopste oplossing is binnen het tijdsvenster, wat mogelijke alternatieven zijn en een vergelijking maken met de kosten van wegvervoer. In de toekomst moeten ook de groenste oplossing én de opties voor transporten een dag eerder of later worden weergegeven. Dat lijkt wel op reissites zoals Booking.com. “De eenvoud van die websites vormt voor ons een inspiratiebron. Dat willen we naar de transportsector brengen”, meent Marc Scheerlinck.

Nxtport, integrator in de haven

Het jongste overkoepelende initiatief op het vlak van het Belgische transport is Nxtport met de steun van de Haven van Antwerpen. De pas aangestelde CEO Daniel Lievens heeft een IT-achtergrond bij internationale logistieke bedrijven als Kiala en UPS en moet Nxtport ook op een veel grotere schaal dan alleen Antwerpen of België in de markt zetten. “Nxtport zal zich volledig focussen op de het delen van de data. Wij kunnen gegevens verzamelen over de verwachte aankomsttijden van binnenschepen aan de terminals, bijvoorbeeld. Die data kunnen we dan ter beschikking stellen van softwarehuizen die apps kunnen bouwen met specifieke functionaliteit ten gunste van bepaalde doelgroepen. Denk maar aan de aankomsttijden van binnenschepen bij de terminals, de weging van containers, de status van de lading of een app met transportinstructies. We hebben een lijst met meer dan dertig andere functies die op min of meer korte termijn in een toepassing kunnen worden omgezet.”
 
Daniel Lievens verwacht dat zijn werk moeilijker wordt naarmate Nxtport meer data kan verzamelen en het er op aan zal komen de juiste opportuniteiten te selecteren. Die gegevens komen nu van de individuele bedrijven en operatoren in de havens, maar ook uit gemeenschappelijke databanken bij de overheid of de kennisinstellingen. In de toekomst verwacht men informatie te capteren uit allerlei verschillende bronnen waaronder ook het Internet of Things. “Naast gegevens van EDI-systemen van bedrijven, zie ik ons nog andere types van gegevens en zelfs ongestructureerde data binnenkrijgen en verwerken. Het is dan aan de appbouwers om daarmee aan de slag te gaan en bruikbare functionaliteit te ontwikkelen.”
 
Net als bij de andere platformen gelden hier specifieke regels voor het verzamelen en verwerken van de gegevens. Zo blijft de leverancier van de gegevens altijd de eigenaar en kan hij zelf beslissen wat er met die gegevens gebeurt. “Verder willen we dat de gegevens voor iedereen die dat wil beschikbaar komen. We zijn een open platform en sluiten niemand uit”, aldus Lievens. “De vergoeding voor het gebruik van de data berekenen we volgens een ‘cost plus’ formule. Dat maakt het laagdrempelig, maar moet ons toch een eerlijke marktprijs opleveren.”

Samenwerking in de chemische sector

Logistiek dienstverlener Ahlers heeft het initiatief genomen om een samenwerkingsverband op te zetten in de chemische sector: Collaborative Logistics Information Community in the Chemical Sector (CLICCS). In functie daarvan nam het bedrijf een aantal enquêtes af bij zijn klanten uit de chemie. De resultaten waren erg veelbelovend: 28 deelnemende bedrijven waren ervan overtuigd dat meer samenwerking op het vlak van logistiek nodig is, 19 daarvan hebben ook een mandaat om daarover beslissingen te nemen. Als randvoorwaarde is het volgens Ahlers nodig met een neutrale ‘trustee’ te werken. Daar waren 20 bedrijven mee akkoord.
Met die gunstige resultaten in de hand zijn besprekingen gestart. Sven Verstrepen, head of Supply Network Innovation & Analytics bij Ahlers, heeft daarop de eerste stappen gezet in de richting van een ‘smart community’. Daarnaast zijn er gesprekken begonnen met een aantal bekende personen uit de sector, waaronder Peter Devos, managing director bij Ecta. “Ecta is de European Chemical Transport Association en we zien ook in andere landen een grote belangstelling voor meer samenwerking op logistiek vlak, in de eerste plaats met het oog op een verbeterde veiligheid, maar ook om de CO2-uitstoot naar beneden te brengen.”

BruCloud, samenwerkingsplatform voor luchthavengemeenschap

De dienstverleners op de cargoluchthaven van Zaventem kunnen nu al een aantal toepassingen hanteren die gebaseerd zijn op het gemeenschappelijke dataplatform. Zo worden een reeks van statistieken aangeboden over de operationele prestaties op de luchthaven. Er is ook al een Pharma Dashboard waarmee bedrijven hun logistieke resultaten aan de hand van geanonimiseerde data kunnen vergelijken met de concurrerende bedrijven. Ten slotte kunnen de gebruikers ook al uitrusting boeken die gemeenschappelijk werd aangekocht zoals koelmaterieel om de koudeketen voor geneesmiddelen te bewaken bij het laden en lossen.
Sara Van Gelder, cargo development manager bij Brussels Airport Company: “Die apps vormen een essentieel onderdeel van onze visie die is gebouwd op het geheel van data-uitwisseling, analyse en apps. Door die aanpak moeten we erin slagen de papieren administratie volledig uit te schakelen om zo van elk logistiek proces transparantie van begin tot eind te creëren. Dat zal ook het tracken en tracen eenvoudiger maken.”
 
Op termijn moet het platform een geïntegreerde stroom van data tussen de verschillende spelers op de luchthaven faciliteren. Door de verzameling van heel wat gegevens in één toepassing is het niet meer nodig individueel bij meerdere partijen op zoek te gaan, alles is al gecentraliseerd.

Digitale vrachtbrief

In het kader van al die samenwerkingsplatformen was de presentatie van Pionira een buitenbeentje. Gedelegeerd bestuurder Barry Van Leuven gaf er meer uitleg over het pilootproject met de digitale vrachtbrief of e-CRM. “De vrachtbrief is nu nog grotendeels een papieren document dat bestaat uit drie originele exemplaren waarop de gegevens met de hand worden geschreven en dan op de onderliggende formulieren worden doorgedrukt. Dat op zich al is de oorzaak van heel wat onleesbare informatie. Daarnaast zijn er problemen met de archivering, de handmatige controle van de processtappen, de onmogelijkheid om op een automatische manier informatie te delen. De digitale vrachtbrief biedt voor de meeste van die problemen een afdoende oplossing. Dankzij digitale handtekeningen op een resem van toestellen is de beveiliging gegarandeerd. Alle informatie wordt trouwens in de cloud bewaard en dat maakt ook dat alle betrokken partijen over alle gegevens beschikken van zodra die beschikbaar zijn. Daarnaast zijn heel wat besparingen mogelijk door het uitschakelen van manueel werk, formulierkosten en een kortere doorlooptijd bij de behandeling van de e-CRM.”
X